Heerlijk vergezicht
De apostel Johannes, die verbannen was naar het eiland Patmos, zag in visioenen de heerlijkheid van Christus. Hij was gezeten aan de rechterhand van Zijn hemelse Vader. Maar Johannes zag ook die verschrikkelijke gebeurtenissen in de tijd voor Christus’ wederkomst. Om van te huiveren. Hij zag reeds dingen, die de wereld vandaag doet opschrikken en beven. En toch is het boek Openbaring een troostboek voor de christenen. Een aansporing en een bemoediging.

Johannes ziet Christus als de Heiland, Die overwonnen heeft: opgestaan uit de dood, opgevaren naar de hemel en zittend aan de rechterhand van God.

Alle nood en dood op aarde is gelukkig niet het laatste. De duivel is in principe overwonnen en zal definitief verslagen worden.

Het geloof geeft een heerlijk vergezicht, zodat wij niet eindigen in wanhoop, maar leven mogen als christen in de hoop van overwinning en verlossing.

De nieuwe hemel en de nieuwe aarde
Johannes ziet een nieuwe hemel en een nieuwe aarde. Uit de hemel klinkt een luide stem, die zegt: ‘Zie de tent van God is bij de mensen en Hij zal bij hen wonen, en zij zullen Zijn volk zijn, en God Zelf zal bij hen zijn en hun God zijn. En God zal alle tranen van hun ogen afwissen’.

Over de nieuwe hemel en de nieuwe word o.a. gezegd, dat er niet meer gehuild zal worden. Er zal ‘geen ziekte meer zijn, geen dood, en de oorlog zal niet meer geleerd worden. God zal alle tranen van de ogen van Gods kinderen afwissen’.

Tranen verwijzen hier naar de tranen om het diepste leed en de grootste smart.

Hoeveel tranen heeft u in uw leven al niet geschreid. De een heeft meer, dieper of ander leed meer gemaakt dan de ander. En hoe ouder je wordt, hoe meer je meegemaakt heb. Tranen ook om je zonden. Maar ook kinderen en jonge mensen maken soms veel verdriet en moeite mee. Niet alle tranen zijn zichtbaar voor de ander. Behoeft niet, hoewel delen goed kan doen. Maar tranen wegnemen kan de ander niet.

Er zijn culturen, waarin tranen gemakkelijker getoond mogen worden. In andere culturen juist niet. Bij kille dictaturen worden menselijke emoties weggedrukt. Kille gehoorzaamheid aan de grote leider is teken van gehoorzaamheid. Ja, een mens kan verkillen en verharden, zodat je ervan huivert.

En bij de Heere? Bij Hem mag u schuilen. Hoe dikwijls lezen wij niet in de psalmen, dat de Heere een schuilplaats is en dat Hij beschermen en bewaren wil.

In de berijmde psalm 56 gaat het over Davids tranen. “Gij weet, o God, hoe ‘k zwerven moet op aard’. Mijn tranen hebt G’ in Uw fles vergaard. Is hun getal niet in Uw boek bewaard, niet op Uw rol geschreven.”

Lezer(es), u kunt al uw verdriet soms niet uitleggen. Een ander – ook als hij of zij luistert – kan niet alles begrijpen. Maar de Heere God weet ervan. U mag het alles Hem vertellen. Hem opnieuw vertellen als het vanbinnen zo pijn doet.

En wat maakt dat toch veel uit, dat de Heere ervan weet. Want Hij helpt u dragen en verder gaan, omdat Hij uzelf wil dragen, ja als op arendsvleugelen draagt.

Juist veel verdrietige en beproefde gelovigen kennen door die hulp en nabijheid en door tranen heen al een voorsmaak van de vreugde, die God voor hen heeft weggelegd. Dan komen er soms ook vreugdetranen.

Psalm 126: Toen de ballingen terugkeerden naar Jeruzalem werd hun mond vervuld met lachen en vers 5: ‘Wie met tranen zaaien, zullen met gejuich maaien’. En Paulus en Silas konden door de kracht van Gods Geest en de vreugde van God in hun harten psalmen zingen in de nacht van verdrukking.

Jezus zelf weende bij het graf van Lazarus. En de vrouwen die Jezus volgden weenden bij het graf van Jezus. Maar hun wenen ging in vreugde over toen zij Jezus als de Opgestane ontmoeten. De belofte van Jezus, dat Hij alle tranen van de ogen der gelovigen zal afwissen is niet goedkoop. Hij Zelf kocht door Zijn lijden en sterven hen vrij van zonde en dood. Schuil maar bij deze Heiland. In Hem ligt de zekerheid van vergeving, eeuwig leven en eeuwige vreugde.

“Ga niet alleen; Uw Koning wil komen in uw hart.

Ach geef het Hem ter woning, hoe stilt Hij dan uw smart!

Wie kan er tranen drogen, als Jezus? Immers geen!

Richt dan de treurend’ ogen naar Jezus heen! 
(lied 53: 2 Joh. de Heer)

Hartelijke groet,
P. Zeedijk